Het hoeft niet perfect (gelukkig maar)

Over balans, loslaten en kleine stappen zetten

Weet je nog, toen we massaal moesten wennen aan videobellen, thuiswerken en Teams-meetings met nét iets te veel achtergrondgeluid? Inmiddels is het helemaal ingeburgerd. Ook bij mij. Sterker nog: het is gewoon mijn manier van werken geworden.

Ik werk tegenwoordig vanuit mijn eigen kantoorruimte. Heel fijn. Af en toe zie ik iemand op locatie, maar meestal bel ik via beeld of ontvang ik mensen in mijn praktijk in Volendam. En dat werkt top! Maar… het vraagt wel om een beetje puzzelen, zeker als je, net als ik, ook een huishouden runt met kinderen, werk én het leven dat ondertussen gewoon doordraait.

Werk en privé gescheiden

Sinds ik een eigen werklocatie, lopen werk en privé minder snel door elkaar. Maar eerlijk is eerlijk: het blijft balanceren. Zeker omdat mijn cliënten mij tussendoor ook mogen appen of bellen als ze even vastlopen. En dat wil ik ook blijven bieden, ik wíl die ruimte geven. Alleen: ik heb óók mezelf te geven. Dus zorg ik dat ik mijn grenzen beter bewaak dan vroeger (want daar ging ik dus echt weleens de mist in).

Vakantie = vrij (maar soms toch even niet)

In vakanties ben ik meestal lekker thuis met de kinderen. Maar soms plan ik een belafspraak tussendoor. Tja, en dan kan het gebeuren dat mijn zoontje van 4 ineens iets van me nodig heeft. Alsof hij precies weet wanneer ik nét in een serieus gesprek zit.

In het begin vond ik dat super ongemakkelijk. Nu weet ik beter. Ik weet welke gesprekken ik prima even tussendoor kan doen. En weet je? Niemand heeft me ooit raar aangekeken omdat er op de achtergrond een kind riep of ik even moest onderbreken. Echt niemand.

Want… het hoeft niet perfect. En loslaten werkt vaak beter dan krampachtig proberen alles ‘goed’ te doen. Gaat er thuis iets mis? Dan haal ik diep adem, leg ik rustig uit wat er speelt, en dan gaan we gewoon weer verder. Zo simpel mag het ook zijn.

Herkenbaar voor veel van mijn cliënten

Wat ik zelf heb moeten leren, loslaten, imperfectie toestaan, grenzen stellen, is precies waar veel van mijn cliënten met autisme óók mee worstelen.

Want hoe vaak hoor ik niet:

  • “Ik wil het goed doen.”
  • “Ik moet eerst alles zeker weten voordat ik het doe.”
  • “Als ik het niet perfect doe, dan doe ik het liever helemaal niet.”

Herken jij dat ook?

Mensen met autisme zijn vaak ontzettend betrokken en verantwoordelijk. Ze voelen haarfijn aan wat er van hen verwacht wordt (of denken dat te weten) en cijferen zichzelf dan vaak weg. Maar als je jezelf steeds aanpast en geen ruimte laat voor je eigen grenzen of behoeften, dan raak je op den duur uitgeput.

Net zoals ik heb geleerd dat ik ook “nee” mag zeggen of iets minder strak mag plannen, gun ik dat ook de mensen die ik begeleid.

Niet alles hoeft perfect.
Jij hoeft niet perfect.

Goed genoeg is ook écht goed genoeg.
Sterker nog: het is meestal méér dan genoeg.

Een andere invulling van succes

Soms gaan we zo op in verwachtingen van anderen of van onszelf dat we vergeten om stil te staan bij: Wat heb ik nodig om me goed te voelen?
Of: Wat helpt mij om vol te houden, ook op de lange termijn?

En dat begint vaak bij hele kleine dingen:

  • Een heldere structuur (maar met lucht)
  • Jezelf toestemming geven om pauze te nemen
  • Niet alles zelf willen oplossen
  • En vooral: jezelf niet afstraffen als het even niet lukt

Je hoeft het niet groots aan te pakken. Maar vertel eens, wat helpt jou vandaag om een beetje meer ruimte voor jezelf te maken?

Komen deze situaties je bekend voor?

Laten we samen kijken naar mogelijke oplossingen. Vul je gegevens in en neem vrijblijvend contact op om de mogelijkheden te bespreken.

Neem vrijblijvend contact op!

Gratis videoserie ontvangen?

Vraag gratis aan

Bekijk ook

Bekijk alle blogs